Naar inhoud

Home Starten Wat je zeker moet doen Betaal de sociale bijdragen

Sociale bijdragen betalen

Je betaalt je sociale bijdragen per kwartaal. Ze worden berekend op basis van je netto-inkomsten, meer bepaald die van drie jaar tevoren.

Als starter betaal je voorlopige bijdragen

Omdat je bijdragen worden berekend op je inkomsten van drie jaar tevoren, betaal je als beginnende zelfstandige voorlopige bijdragen. Die voorlopige bijdragen worden per jaar berekend. Ben je drie jaar zelfstandige, en staat je beroepsinkomen van je eerste volledige kalenderjaar als zelfstandige vast, dan worden je sociale bijdragen definitief berekend. Het is mogelijk dat je dan een bedrag zal moeten bijbetalen. Dat is het geval als je inkomsten hoger liggen dan het netto jaarinkomen dat als basis dient voor de berekening van de voorlopige bijdragen. Hoeveel dat netto jaarinkomen bedraagt, zie je in de tabel hieronder.

De bedragen die je later eventueel moet bijbetalen hebben betrekking op je eerste drie volledige jaren als zelfstandige, en eventueel ook op de kwartalen die aan je eerste volledige jaar als zelfstandige zijn voorafgegaan. De bijdragen van de kwartalen van je eerste onvolledige kalenderjaar van aansluiting worden definitief berekend op het inkomen van het eerstvolgende volledig jaar van aansluiting in dezelfde hoedanigheid. Het inkomen van dit eerste onvolledige kalenderjaar van aansluiting komt nooit in aanmerking voor de bijdrageberekening.

Een voorbeeld

Een zelfstandige start op 5 april 2011. Hij betaalt voorlopige bijdragen in het tweede, derde, vierde kwartaal van 2011, in 2012, 2013 en 2014.

In 2013 is het inkomen van 2011 gekend. Dit inkomen speelt geen rol in de bijdrageberekening aangezien het inkomen van het eerste volledige jaar het eerste referte-inkomen is.

In 2014 is het inkomen van 2012 gekend en worden de bijdragen van 2011 en 2012 hier definitief op berekend.

In 2015 kent men het inkomen van 2013 en worden de sociale bijdragen van 2013 herzien in functie van het inkomen van 2013.

In 2016 gebeurt hetzelfde voor de sociale bijdragen van 2014. Zij worden definitief berekend op het werkelijk genoten inkomen in 2014.

In de volgende tabel zie je over welke bedragen het gaat. De bedragen zijn inclusief administratiekosten (3.05 %). Gedurende de startperiode worden de bijdragen die je moet betalen elk jaar op basis van een ander bijdragepercentage berekend. Daarom verschillen de in de tabel vermelde forfaitaire kwartaalbijdragen voor de eerste drie jaren.

De bijdragen voor een hoofdberoep verschillen van die voor een bijberoep. Ben je zelfstandige in bijberoep, dan kan je een vrijstelling voor de voorlopige bijdragen aanvragen, als je verwachte inkomen laag genoeg is. 

Hoofdberoep Netto Jaarinkomen Kwartaalbijdrage
  1e jaar 2e jaar 3e jaar
Voor de pensioenleeftijd 12.830,63 677,63 694,15 710,68
Na de pensioenleeftijd 2.839,00 149,94 153,60 157,25
Bijberoep Netto Jaarinkomen Kwartaalbijdrage
  1e jaar 2e jaar 3e jaar
Verwacht inkomen lager dan de vrijstellingsgrens 1.419,49 0,00 0,00 0,00
Verwacht inkomen hoger dan de vrijstellingsgrens 1.419,50 74,97 76,80 78,63

Verwacht je dat je inkomsten hoger zullen liggen dan de inkomsten waarop je voorlopige bijdragen zijn gebaseerd, maak dan tijdens de eerste drie jaren een raming van je netto-inkomsten. Neem hiervoor contact op met een startersconsulent van het Acerta Sociaal Verzekeringsfonds. Zo kunnen je sociale bijdragen aangepast worden en hoef je later niet bij te betalen.

Als Acertaklant heb je ook de mogelijkheid om je inkomstenraming online door te geven via ons klantenportaal.

Hogere voorafbetalingen kunnen volgende voordelen opleveren:

  • Je spreidt je betalingen (anders kan vooral het vierde jaar van je zelfstandige activiteit financieel zwaar zijn, omdat je dan ook met voorafbetalingen voor de belastingen begint).
  • Je kan de hogere bijdragen nu al fiscaal aftrekken. Je beroepsinkomen vermindert, waardoor ook je definitieve sociale bijdragen lager zullen liggen. Je bespaart dus op je belastingen en op je sociale bijdragen.
  • Voorafbetalingen boven het wettelijk minimum kunnen je een bonus opleveren van 0,75% per kwartaal, gelegen tussen de voorafbetaling en de regularisatie. Dit komt neer op een intrest van 3% per jaar. Neem contact op met je Acerta startersconsulent als je hogere voorafbetalingen wil doen en van de bonus wil genieten.

Je definitieve bijdragen

Het systeem van voorlopige bijdragen en herziening geldt voor de eerste drie volledige jaren van je zelfstandige activiteit. Vanaf het vierde jaar worden de sociale bijdragen berekend op het beroepsinkomen van het derde voorafgaande jaar. Zelfstandigen in hoofdberoep betalen een minimumbijdrage van 727,21 euro per kwartaal. De bijdragen voor een bijberoep worden op dezelfde manier berekend, maar op basis van het inkomen kunnen ze lager zijn.

De volgende tabel geeft je een idee van de definitieve sociale bijdragen die zelfstandigen vandaag betalen.

Wanneer betalen

Je sociale bijdragen worden gevorderd per kwartaal, dus vier keer per jaar. Acerta stuurt je in de loop van de eerste maand een vervaldagbericht.

Je sociale bijdrage moet steeds op de laatste dag van het betreffende kwartaal op de rekening van het Acerta Sociaal Verzekeringsfonds geboekt zijn. Geef je overschrijving dus tijdig door aan je bank (vóór de 20ste).

Als beginnende zelfstandige heb je voor de twee eerste kwartalen recht op één kwartaal uitstel van betaling. Dit voordeel geldt echter alleen als je je tijdig hebt aangesloten, dus ten laatste op de dag van de start van je activiteit.

Als je niet voldoende voorlopige bijdragen betaald hebt of als je inkomen herzien wordt (en je dus onvoldoende definitieve bijdragen betaald hebt), ben je regularisatiebijdragen verschuldigd. Voor de betaling van die regularisatiebijdragen heb je recht op één kwartaal uitstel van betaling, te rekenen vanaf het kwartaal waarin de afrekening werd verstuurd.

Betaal je te laat, dan moet Acerta een verhoging aanrekenen van 3%. Begin je een nieuw jaar met een achterstand, dan wordt op 1 januari je achterstand nog eens verhoogd met 7%. Maak er dus een punt van op tijd te betalen.

Als je al gepensioneerd bent

Voor gepensioneerden geldt een aparte bijdrageregeling. Ontvang je al een pensioen en start je als zelfstandige, dan moet je om je pensioen te behouden, een maximuminkomen respecteren. Je leest meer over het toegelaten inkomen in het deel Je aansluiten bij het sociaal verzekeringsfonds.

Voor vervroegd gepensioneerden en voor actieve zelfstandigen die de pensioenleeftijd hebben bereikt en een pensioen genieten, zijn er slechts twee bijdragecategorieën. Welke categorie voor jou van toepassing is, hangt af van de vraag of je de grenzen van de toegelaten activiteit voor gepensioneerden respecteert of niet. Blijven je inkomsten onder de grens van de toegelaten activiteit, dan blijf je pensioen genieten en wordt je sociale bijdrage berekend aan een lager percentage. Worden de grenzen van de toegelaten activiteit overschreden, dan verlies je je pensioen en wordt de bijdrage berekend aan hetzelfde percentage als dat van een hoofdberoep.

Krijg je een rustpensioen, dan bedraagt je voorlopige forfaitaire bijdrage (zonder raming) 107,52 euro (3,675% berekend op de drempel van 2.839,00 euro). Als je verwacht dat je inkomen lager zal zijn dan 2.838,99 euro, kan je vrijstelling van bijdragen aanvragen.

Van zodra je definitieve inkomen gekend is, gebeurt er zonodig een regularisatie. Voor de definitieve bijdragen geldt het bijdragepercentage van 3,675 %, binnen de toegelaten grenzen. De bijdrage wordt berekend op je werkelijk genoten inkomen van drie jaar geleden, maar dit inkomen wordt geplafonneerd. Je betaalt immers maximum een bijdrage van 3,675 % van het bedrag dat je in het bijdragejaar met een pensioen mag cumuleren. Dit bedrag verschilt al naargelang het een rust- of overlevingspensioen betreft, en al naargelang er kinderen ten laste zijn. In de volgende tabel vind je de definitieve maximumbijdragen die zelfstandigen die een rustpensioen ontvangen, vandaag betalen. 

Definitieve bijdragen voor zelfstandigen die een rustpensioen ontvangen
Vervroegd pensioen Maximuminkomen Maximumbijdrage in 2013
Rustpensioen zonder kinderlast 6.056,01 229,35
Rustpensioen met kinderlast 9.084,01 344,02
Normale pensioenleeftijd Maximuminkomen Maximumbijdrage in 2013
Rustpensioen zonder kinderlast 17.492,17 662,44
Rustpensioen met kinderlast 21.277,17 805,79

Krijg je een overlevingspensioen, dan gelden dezelfde voorlopige bijdragen als voor een hoofdberoep (zie boven). Verwacht je dat je beroepsinkomen als zelfstandige lager zijn dan 6.721,20 euro, dan kan je een gelijkstelling met een bijberoep aanvragen. Je betaalt dan verminderde sociale bijdragen of je bent vrijgesteld. Verder op deze pagina lees je er meer over.


Van zodra je definitieve inkomen gekend is, betaal je definitieve bijdragen. In de volgende tabel vind je de maximumbijdragen die zelfstandigen die een overlevingspensioen ontvangen, vandaag betalen. 

Definitieve bijdragen voor zelfstandigen die een overlevingspensioen ontvangen
Overlevingspensioen Maximuminkomen Maximumbijdrage in 2013
Overlevingspensioen zonder kinderlast 14.100,48 799,18
Overlevingspensioen met kinderlast 17.625,60 998,98

De sociale bijdrage in hoofdberoep is verschuldigd door zelfstandigen die wel de pensioenleeftijd hebben bereikt, maar hun pensioen niet opnemen. Door de betaling van deze bijdragen in hoofdberoep kunnen zij ontbrekende periodes in hun loopbaan aanvullen.

Een beginnende zelfstandige die de pensioenleeftijd bereikt heeft, maar nog geen pensioen ontvangt, betaalt 149,94 euro per kwartaal (dit is 5,125 % op de drempel van 2 839,00 euro). Dit zijn de cijfers zoals ze gelden in het eerste jaar van de zelfstandige activiteit. In de bijdragen is zoals steeds de 3,05 % bij Acerta aangerekende administratiekost inbegrepen. Als je minder dan 2.838,99 euro verdient, zijn er geen bijdragen verschuldigd.

Belangrijk! Als je als zelfstandige de pensioengerechtigde leeftijd hebt bereikt, of effectief een vervroegd rustpensioen ontvangt, en tegelijkertijd een kosteloos mandaat uitoefent, word je geacht alle beroepsbezigheid te hebben gestaakt. Op dat ogenblik ben je geen sociale bijdragen meer verschuldigd.
 

Als je meewerkende echtgenoot of echtgenote bent

In het ministatuut worden de sociale bijdragen van de meewerkende echtgenote berekend op het beroepsinkomen waarop ook de bijdragen van de hoofdzelfstandige worden berekend. De bijdragen voor 2013 liggen tussen 26,11 en 147,24 euro. Als je partner beginnende zelfstandige is en voorlopige bijdragen betaalt, betaalt ook de meewerkende echtgenoot of echtgenote voorlopige bijdragen. Deze worden achteraf geregulariseerd.

In het maxistatuut wordt het beroepsinkomen fiscaal gesplitst tussen man en vrouw. Als meewerkende echtgenoot of echtgenote met maxistatuut verwerf je een volwaardig eigen inkomen, met een eigen kostenaftrek.

De bijdragen van de meewerkende echtgeno(o)t(e) worden dan berekend op het gedeelte van het beroepsinkomen dat op zijn of haar naam is aangegeven. In de startjaren zal de meewerkende echtgeno(o)t(e) een voorlopige bijdrage betalen, berekend op de drempel zoals die geldt binnen het maxistatuut. 

Meewerkende echtgenoot of echtgenote Netto jaarinkomen Kwartaalbijdragen
1e jaar 2e jaar 3e jaar
Ministatuut (=arbeidsongeschiktheid) 12.830,63 26,11 26,11 26,11
Maxistatuut (=volledige verzekering) 5.636,50 297,68 304,95 321,20

Als de bijdragen van de hoofdzelfstandige in deze hypothese berekend worden op het totaal inkomen van 3 jaar geleden (toen deze fiscale splitsing nog niet mogelijk was) heeft men hiervoor een correctie voorzien. Tijdens de eerste drie jaar van de toetreding tot het volledige statuut wordt het referte-inkomen van de hoofdzelfstandige voorlopig verminderd met het bedrag waarop de bijdrage van zijn echtgeno(o)t(e) wordt berekend.

Later, bij de regularisatie van de voorlopige bijdragen van de meewerkende echtgenoot of echtgenote wordt het referte-inkomen van de hoofdzelfstandige blijvend verminderd met het inkomen waarop de bijdragen van de meewerkende echtgenoot of echtgenote definitief berekend worden. Dit bedrag kan dus hoger liggen dan de drempel maxistatuut.

Als jij en je partner samen starten als zelfstandige en meewerkende echtgenoot of echtgenote, dan wordt het fiscaal inkomen vanaf het eerste refertejaar fiscaal gesplitst en moet er dus geen correctie gebeuren op het inkomen van de zelfstandige.

Gelijkstelling met bijberoep (art. 37–40)

Ben je zelfstandige in hoofdberoep, dan kan je in bepaalde gevallen aanvragen gelijkgesteld te worden met zelfstandigen in bijberoep, op basis van artikel 37/40. Je betaalt dan verminderde sociale bijdragen of je bent vrijgesteld.

Om in aanmerking te komen, moeten er al socialezekerheidsrechten zijn in je gezin, via je partner. Ook weduwen, weduwnaars, studenten jonger dan 25, vastbenoemde leerkrachten in het onderwijs en politieke mandatarissen kunnen een gelijkstelling aanvragen.

Om gelijkgesteld te worden moet je een aanvraag indienen bij het Acerta Sociaal Verzekeringsfonds. Neem voor meer info contact op met de startersconsulent van het Acerta Sociaal Verzekeringsfonds. Je vindt de contactgegevens via de link Contact.

Belangrijk!
Denk eraan dat je als je verminderde bijdragen betaalt of vrijgesteld bent, geen sociale rechten opbouwt als zelfstandige. Pas als je sociale bijdragen minstens zo hoog zijn als de minimumbijdragen van een hoofdberoep, bouw je ook als zelfstandige sociale rechten op.

Vennootschapsbijdragen

De jaarrekening van het voorlaatste afgesloten boekjaar is bepalend voor de vennootschapsbijdrage die jouw vennootschap moet betalen. Voor het bijdragejaar 2013 is dit het boekjaar 2011. Vennootschappen leggen hun jaarrekening neer bij de Balanscentrale van de Nationale Bank van België (NBB). De overheid baseert zich op de gegevens van de NBB om te bepalen welke vennootschappen de lage of de hoge bijdrage verschuldigd zijn. Je hoeft dus geen formulieren of bewijsstukken in te dienen bij je sociaal verzekeringsfonds.

Vennootschappen met een balanstotaal van maximaal 641.556,65 euro betalen voor 2013 een bijdrage van 347,50 euro. Vennootschappen met een balanstotaal hoger dan 641.556,65 euro betalen 868 euro.

Omdat er voor jou als starter geen voorlaatste boekjaar is waarop je bijdrage gebaseerd kan zijn, betaal je de lage bijdrage van 347,50 euro.

Bestaande vennootschappen of vennootschappen die opgericht worden vóór 1 april van het bijdragejaar, moeten de bijdrage betalen vóór 1 juli. Vennootschappen die opgericht zijn vanaf 1 april zijn de bijdrage verschuldigd op het einde van de derde maand volgend op de maand van de neerlegging van de oprichtingsakte. Betaal zeker op tijd, want op het bedrag dat niet tijdig betaald is, wordt een verhoging aangerekend van 1 % per maand vertraging. Je kan in behartigenswaardige omstandigheden of in gevallen van overmacht kwijtschelding van deze verhogingen aanvragen.

Sommige vennootschappen zijn gedurende de eerste drie jaar na hun oprichting vrijgesteld van de vennootschapsbijdrage. Zij moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

  1. Het moet gaan om een personenvennootschap. Kapitaalsvennootschappen zoals de NV en de Commanditaire vennootschap op aandelen komen dus niet in aanmerking.
  2. De vennootschap moet in de KBO ingeschreven zijn als commerciële onderneming of ambachtsonderneming. Burgerlijke vennootschappen onder handelsvorm (artsen, verplegers, kinesitherapeuten en andere vrije beroepen) kunnen dus geen vrijstelling genieten.
  3. In de loop van de periode van 10 jaar vóór de oprichting mogen de zaakvoerders of bestuurders én de meerderheid van de werkende vennoten (die geen zaakvoerder of bestuurder zijn) ten hoogste 3 jaar zelfstandige geweest zijn.

De vrijstelling wordt per jaar beoordeeld; de voorwaarden moeten dus ieder jaar opnieuw vervuld zijn. Het sociaal verzekeringsfonds doet jaarlijks een onderzoek naar het beroepsverleden van de zaakvoerder(s) en de werkende vennoten.

Als je vennootschap gedurende een bepaald jaar geen enkele activiteit heeft gehad, moet je de vennootschapsbijdrage voor dat kalenderjaar niet betalen. Het sociaal verzekeringsfonds mag deze vrijstelling toestaan op basis van een attest van de Controleur van de dienst vennootschapsbelastingen met de vermelding dat de vennootschap met ingang vanaf een bepaald kalenderjaar geen handels- of burgerrechtelijke activiteit meer uitoefent. Ook een verklaring van het BTW-kantoor dat er geen omzet was, kan aanvaard worden. Een verklaring dat er geen aangifte werd gedaan, is onvoldoende om de bijdrage te annuleren.

Voorbereiden
Idee
Startvoorwaarden
Sociaal statuut
Ondernemingsvorm
Steun
Ondernemingsplan
Starten
Wat je zeker moet doen
Wat je bijkomend kan doen
Specifieke situaties
Groeien
Van bijberoep naar hoofdberoep
Nieuwe ondernemingsvorm kiezen
Personeel aanwerven
Bezoldiging opnemen
Blijven leren
Infobank
Documenten
Publicaties
Nieuws
FAQ
Infosessies
Links
Partners
Toolbox
Persoonlijk stappenplan
Aansluiting Acerta
Berekeningen
Premiescoop
Web Specials
Contact
Registreer een klacht
Maak een afspraak